Saskia Bak: ‘Heel belangrijke tentoonstelling’

  • Door VVMA
  • 12 november 2023
  • 0
  • 288 Views

“Dit is voor ons een heel belangrijke tentoonstelling,” zegt Saskia Bak, ”want hij biedt  een nieuwe kijk op het 20e eeuws realisme”.  Twee dagen voor de opening van Kunst in het Derde Rijk verwelkomde Saskia tachtig VVMA-leden voor een preview op deze tentoonstelling.  “Museum Arnhem is gespecialiseerd in het realisme van de eerste helft van de twintigste eeuw, maar juist over de periode 1933 … 1945 was in de kunsthistorie nog maar weinig bekend”.

Saskia Bak: ‘Nieuwe kijk’

De nazi’s omarmden het realisme en gebruikten het als propaganda en als middel om de aandacht van hun gruwelijkheden af te leiden.  Andere kunstvormen, zoals abstracte kunst, expressionisme of Joodse en Afrikaanse kunst werden bestempeld als ‘ontaard’, belachelijk gemaakt en verboden. En juist over de wél geaarde kunst is weinig bekend.  Na de oorlog voerden – als een reactie – de abstracte ontwikkelingen weer de boventoon. Met de tentoonstelling wil het museum de ‘blinde vlek’ in de kunstgeschiedenis invullen.

Saskia Bak hecht eraan te benadrukken dat Museum Arnhem zich voor deze tentoonstelling niet heeft laten leiden door de huidige situatie in de wereld. “Dat kan ook niet, want voor een tentoonstelling is minstens twee jaar voorbereiding nodig en in die tijd kan er veel veranderen”. Het is vooral de bedoeling om een informatieve en educatieve tentoonstelling te maken, waarbij ook in de museumzalen nadrukkelijk de context wordt gepresenteerd.

Speciaal voor de VVMA-bijeenkomst interviewde journalist (en VVMA-lid)  Hanny Roskamp  conservator  Jelle Bouwhuis over de tentoonstelling die hij samen met gastcurator  Almar Seinen heeft ingericht.  “In het begin van de twintigste eeuw wilden vooral socialistische kunstenaars dat de staat zich meer zou bemoeien met de kunst”, zegt Bouwhuis.  Dat gebeurde wél onder het nazi-regime, maar  zeker niet ten faveure van de maatschappijkritische kunstenaars die zich richten op  sociale misstanden. “Realistische en figuratieve kunstenaars kregen daarentegen juist een geweldig platform aangeboden”.  Hitler zelf heeft in de periode 1933 … 1945 zo’n 1300 kunstwerken aangekocht.

Hanny Roskamp en Jelle Bouwhuis

Rijksminister van Volksvoorlichting en Propaganda Joseph Goebbels zag in kunst een geweldig middel om het Duitse volk te beïnvloeden en het nazi-gedachtengoed te verheerlijken. Idyllische beelden moesten afleiden van het oorlogsgeweld en inspireren tot een arische levenswijze. Dat zorgde voor een enorme bloei van kunst in de nazitijd. Van 1933 tot 1945 waren in nazi-Duitsland 14000 kunstenaars actief, samen maakten ze minimaal  1 miljoen werken. Het ging lang niet altijd om expliciete nazi-kunst – die overigens op de tentoonstelling niet te vinden –  maar veelal om boerentaferelen en vrouwelijke naakten. Bouwhuis: “Kunstenaars die vòòr de nazitijd al realistisch schilderden, konden gewoon doorwerken, mits zij zich aanmeldden bij de Kultuurkamer. En wat betreft dat laatste: veel keuze had je niet, tenzij je een ander beroep koos.” En er was een grote markt voor. In München werden vanaf 1937 jaarlijks grote verkooptentoonstellingen gehouden met wl 1500 geselecteerde werken,  waar de kunst voor enorme bedragen van de hand ging. Niet alleen nazi-kopstukken, maar ook gewone burgers kochten veel kunst.

“Nieuw was dat kunst werd gezien als een marktproduct”, zegt Jelle Bouwhuis. “Ik dacht altijd dat kunstmarketing in Amerika was uitgevonden, maar ik kwam er nu achter dat het Duitsland was”.

Saskia Bak was te gast bij het radioprogramma Nieuwsweekend van NPO1 en vertelt over de nieuwe tentoonstelling.

In de ‘papieren nieuwsbrief’ in december volgt een uitgebreid verslag van de preview,

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *