In dit portret ten voeten uit heeft Wim Schuhmacher zijn moeder, Ida Oosterbaan, op een tedere manier vastgelegd. Door haar lengte en haar strenge, geposeerde houding heeft ze een verheven uitstraling. Dit wordt benadrukt door licht achter haar hoofd, dat aan een aureool doet denken. De gedempte kleuren en de afwezigheid van slagschaduw versterken de religieuze sfeer van het schilderij.
Schuhmacher heeft lang geprobeerd een dergelijke verheven sfeer in zijn werken te bereiken. Aanvankelijk door te kiezen voor een expressionistische stijl, maar in dit schilderij is de poging pas echt goed geslaagd door de aandacht voor verfijning, detail en zachte overgangen van grijzige kleuren. De dikke verflagen suggereren een proces van voortdurende wijziging.
In dit jaar legde Schuhmacher de basis voor zijn schilderijen met een dergelijke speciale lichtwerking in combinatie met ingehouden tinten grijs. Ze worden zijn handelsmerk. Dit portret verwijst op vele manieren naar oude schilderkunst. Het formaat ervan, en de houding van zijn moeder en het aureool, doen denken aan houten Mariabeelden uit de middeleeuwen. De suggestie van ondiep reliëf was gebruikelijk in de Nederlandse schilderkunst in de vijftiende eeuw.
Schuhmacher raakte in de jaren ’20 onder de indruk van gotische en middeleeuwse kunst, met name van Vlaamse meesters als Hugo van der Goes en Rogier van de Weyden. Beide kunstenaars legden devotie vast door een simpele blik of gebaar. Die vroomheid vertaalde Schuhmacher naar een meer wereldse connotatie, zonder religieuze context, wat bij zijn anarchistische levensstijl paste.
Op dit langgerekte schilderij heeft Wim Schuhmacher de figuur van zijn moeder ook langgerekt weergegeven. Het is een hommage aan zijn moeder. Door haar lengte en haar strenge, geposeerde houding heeft ze een verheven uitstraling. De gedempte kleuren en het vreemde licht versterken de onwerkelijke, religieuze sfeer van het schilderij. Schuhmacher paste dat hier voor het eerst toe. Pas later werd de speciale lichtwerking, in combinatie met een ingehouden grijs coloriet, hét handelsmerk van de Meester van het Grijs, zoals Schuhmacher werd genoemd. De schenking werd door een besluit van de gemeenteraad van Arnhem bevestigd en door Gedeputeerde Staten van Gelderland goedgekeurd.
Wim Schuhmachers werk uit zijn beginperiode verraadt alle kenmerken van het kubo-expressionisme, de stijl die in Nederland opkwam tijdens de Eerste Wereldoorlog en daarna nog enige jaren zou floreren. De grof opgezette vormen in diepe kleuren, steken af tegen het verfijnder opgezette gezicht. De bruin-grijs tinten steken af tegen felle accenten als het gezicht en de kraag, een kenmerk van het Nederlandse kubo-expressionisme, in Nederland beter bekend als de Bergense School. Deze stijl kenmerkt zich door figuratieve composities, opgebouwd uit hoekige vlakken en overwegend donkere kleuren met hier en daar een feller accent.
Schuhmacher werkte vanaf 1913 als kunstenaar, daarvoor was hij huisschilder, en assistent van C.A. Lion Cachet. Hij trok naar Limburg, om daar tussen de mijnwerkers te wonen en werken, toch schilderde hij daar geen mensen. Hij had veel moeite met het correct vastleggen van de menselijke anatomie. Hij oefende hier veel in, en dat heeft zijn vruchten afgeworpen. In de jaren ’20 schildert hij veel portretten.
Wim Schuhmacher (Amsterdam 1894 – 1986)
Mijn moeder, 1925
Olieverf op doel, 154 x 78,5 cm




